Seksualiteit bespreekbaar maken bij Korsakov
Het begint vaak in de woonkamer of de keuken. Een bewoner maakt een seksueel getinte opmerking. De sfeer wordt ongemakkelijk. De reactie van de zorgverlener? Een snelle grap om de spanning te breken of simpelweg wegkijken. " Zorgmedewerkers denken dat ze heel open zijn, " vertelt onderzoeker Garance Wijshoff, "maar als het gaat om het doorvragen naar de behoeften op het gebied van seksualiteit en intimiteit, blijkt dat ze het in de praktijk toch wel heel spannend vinden "
Samen met Laura Witvoet, trainer bij het KKC, onderzocht zij waarom het gesprek over seksualiteit en intimiteit bij mensen met het syndroom van Korsakov vaker niet goed op gang komt, zelfs terwijl een groot deel van de medewerkers over dit thema training heeft gehad Op basis van deze bevindingen is er door Laura Witvoet en Garance Wijshoff een pocketcard ontwikkeld als hulpmiddel om handelingsverlegenheid te doorbreken.
De verrassende ontdekking achter seksueel getinte opmerkingen
Laura Witvoet deelt een treffend voorbeeld uit een training. Er was een bewoner waar het hele team met een boog omheen liep. Elke interactie was seksueel getint en medewerkers voelden zich soms geïntimideerd en vaak ongemakkelijk. "Vanuit de training hebben we twee medewerkers aangemoedigd om het gesprek eens aan te gaan en door te vragen," vertelt Laura Witvoet.
Het resultaat was verrassend. De man bleek geen vervelende bijbedoelingen te hebben; de grappen waren simpelweg zijn manier van contact maken. Na een open gesprek over zijn werkelijke behoeften was de lucht geklaard. De bewoner gaf zelf aan: "Als ik te ver ga, zeg het me gewoon." Een deur die eerst potdicht zat, sprong ineens wagenwijd open.
Waarom we het gesprek onbewust vaak ontwijken
Uit het onderzoek van Garance kwam een confronterende waarheid naar voren. Maar liefst 80% van de medewerkers zegt van zichzelf heel open te zijn over seksualiteit. Maar zodra het concreet wordt, treedt er vaak 'cognitieve dissonantie' op. Dit is het ongemakkelijke gevoel dat ontstaat wanneer je gedrag niet overeenkomt met het beeld dat je van jezelf hebt. Daardoor zoek je onbewust excuses of rechtvaardiging om je eigen gedrag kloppend te maken.
"Je ziet dat zorgmedewerkers het dan afschuiven," legt Garance uit. "Vaak zie je dat zij de verantwoordelijkheid doorschuiven naar de EVV'er of de trainer. We verzinnen onbewust excuses om het ongemak niet aan te hoeven gaan. We verschuilen ons achter gender-issues of een gebrek aan tijd, terwijl de ruimte er wel degelijk is."
Een onzichtbare bondgenoot in je zak
De ontwikkelde pocketcard fungeert als een 'onzichtbare derde' in het gesprek. Je bent niet meer alleen in dialoog, maar kijkt bijvoorbeeld samen met de bewoner naar de kaart. Dit haalt de druk bij de zorgverlener weg en biedt direct structuur als je even niet meer weet wat je moet zeggen. Ook kan de kaart je helpen het gesprek vooraf beter voor te bereiden.
"Seksualiteit is een basisbehoefte van ieder mens. Het maakt niet uit waar je woont, wie je bent of hoe oud je bent. Ieder mens wil gezien en gehoord worden."
- Laura Witvoet
Praktische tips voor de dagelijkse praktijk
In het interview delen Laura en Garance concrete adviezen die direct toepasbaar zijn:
- Vraag om toestemming: Gebruik de 'Permission to Talk'. Vraag: "Vindt u het goed als ik u hier een aantal vragen over stel?" Dit geeft de bewoner de regie.
- Kies de juiste setting: Voer een serieus gesprek nooit in een volle keuken of woonkamer, maar zoek een rustig rustige plek op.
- Gebruik het LOVE-principe: Laat ruimte, Open houding, Vraag open, Erken en ondersteun
- Let op congruentie: Zorg dat je houding overeenkomt met hetgeen je zegt. Een open houding nodigt uit tot een open antwoord.

De poster als ijsbreker op de afdeling
Naast de kaart hangen er nu op afdelingen grote posters met de tekst: Durf jij erover te praten? Bewoners zijn nauw betrokken geweest bij dit ontwerp. "We hebben een bewoner laten meekijken naar het concept om te zien of het voldoende prikkelend was," zegt Laura Witvoet. Het effect is merkbaar: bewoners stellen nu zelf vragen, wat de drempel voor de medewerker weer verlaagt.
De training als onmisbaar fundament
De pocketcard is een krachtige tool, maar wordt nooit zomaar uitgedeeld. "Het is een cadeautje dat je pas krijgt als je de training hebt doorlopen," benadrukt Laura Witvoet. Je moet namelijk eerst door je eigen proces van bewustwording heen om de kaart op de juiste manier in te kunnen zetten.
Dat deze aanpak werkt, blijkt uit de cijfers: inmiddels hebben al 9 organisaties de training gevolgd of zich hiervoor ingeschreven. Het is een proces dat de hele organisatie meeneemt - van management tot werkvloer. Een duidelijke missie, visie en beleid vanuit de organisatie is hierbij onmisbaar. Medewerkers moeten zich ook gesteund voelen vanuit hun eigen organisatie.
"Zonder die bewustwording ga je onvoorbereid een gesprek in, en dat kan ongemakkelijke situaties juist in de hand werken. De training en de kaart horen bij elkaar als een onafscheidelijk duo."
-Garance Wijshoff