Jos Egger

Jos Egger

Jos Egger is hoogleraar Contextuele neuropsychologie bij de Radboud Universiteit in Nijmegen en hoofdopleider voor de specialismen klinische psychologie en klinische neuropsychologie. Tevens geeft hij leiding aan Vincent van Gogh Topreferente Zorg in Venray, waarvan onder meer het TOPGGz-erkende Korsakov Centrum voor alcoholgerelateerde cognitieve stoornissen deel uitmaakt. Vanuit deze laatste positie is hij sinds 2017 bestuurslid van KKC.

Een aanzienlijk deel van de zorg voor korsakovpatiënten wordt verricht binnen instellingen voor verpleeghuiszorg. Er is echter ook binnen de GGz (en de traditionele verslavingszorg) een grote behoefte aan kennis over patiënten met korsakov en daaraan verwante ziektebeelden. Vanuit Vincent van Gogh is er een lang bestaande band met de zorg voor korsakov en de ontwikkeling van daarvoor benodigde specialistische diagnostiek. Jos merkt hoe hij vanuit zijn achtergrond binnen de GGz en de universiteit kan bijdragen aan het KKC. Het vertegenwoordigen binnen het bestuur van de specialistische GGz in de zorg voor korsakov en het toezien op het wetenschappelijk onderzoek en opleiding als bron voor kennisontwikkeling en zorginnovatie voor deze bijzondere patiëntendoelgroep zijn daarbij belangrijke pijlers. Als portefeuillehouder wetenschappelijk onderzoek is hij dan ook de linking-pin naar de Wetenschapsraad van het KKC.

Jos vertelt met plezier over zijn lange relatie met het Korsakov Centrum: “In 1993, bij de afronding van mijn studie psychologie in Nijmegen, kon ik een neuropsychologische stage lopen bij dr. Arie Wester(†) – hoofd van de toenmalige Venrayse ‘Korsakovkliniek’. Door zijn inspirerende begeleiding ontdekte ik – voor het eerst buiten de collegebanken – hoe veelvormig zo’n ernstige aandoening als korsakov kon zijn. Ik weet nog hoe ik voor mezelf noteerde dat er niet twee patiënten precies dezelfde symptomen en gedragingen vertoonden, terwijl ze wel allen de hele specifieke geheugen- en initiatiefproblemen lieten zien. Ook hun oorspronkelijke persoonlijkheidstrekken speelden daarbij vaak een rol. Daaruit leerde ik al snel dat grondige diagnostiek naar de oorzaken en het beloop van de aandoening bij de individuele patiënt de beste garantie gaf om een op die persoon toegesneden behandeling en begeleiding te kunnen bieden die ook positieve impact had op het leven van de patiënt.”

Het belang van een kennisnetwerk als het KKC en haar faciliterende rol bij een soepel functionerend verband van expertisecentra en regionale zorginstellingen is dan ook zonder enige twijfel een essentiële stap in de verdere verbetering van de korsakovzorg, vindt Jos. “Het stimuleert en bemoedigt patiënten, naasten en professionals en legt een natuurlijke verbinding tussen onderzoeken, leren, toepassen van het geleerde en de evaluatie daarvan –een cyclische optimalisering van de korsakovzorg!”