Zeventien jaar wachten op zorgvernieuwing is geen optie

Zeventien jaar wachten op zorgvernieuwing is geen optie

Gemiddeld duurt het zeventien jaar voordat wetenschappelijk inzicht de werkvloer bereikt. Prof. dr. Roy Kessels legt uit hoe de wetenschapsraad van het Korsakov Kenniscentrum deze kloof dicht door onderzoek behapbaar te maken en lokale praktijk-pareltjes om te vormen tot de nieuwe standaard.

Het is een cijfer waar de sector niet omheen kan: gemiddeld duurt het zeventien jaar voordat een wetenschappelijk inzicht volledig is geland op de werkvloer. In de tussentijd wordt er vaak gewerkt met verouderde methoden, terwijl de wereld om de cliënt heen razendsnel verandert. Prof. dr. Roy Kessels wil die tijdlijn graag verkorten. Als voorzitter van de wetenschapsraad van het Korsakov Kenniscentrum, Hoogleraar Neuropsychologie aan de Radboud Universiteit en Principal Investigator bij het Donders Instituut, ziet hij dat de sleutel tot vernieuwing niet in dikke rapporten ligt, maar in de directe verbinding tussen onderzoek en praktijk. 

Voorwaarden voor echte verandering 

Vernieuwing strandt zelden op enthousiasme, maar vaak op de harde realiteit van de werkdag. Wanneer een organisatie innovatie omarmt zonder de juiste randvoorwaarden te scheppen - zoals tijd, ruimte en structurele scholing - blijft elke verbetering een papieren tijger. Volgens Kessels vraagt succesvolle implementatie om een helder plan en de erkenning dat gedragsverandering tijd kost. Zonder die basis is een nieuwe methode slechts een extra belasting. 

Onderzoek behapbaar maken 

Een van de meest praktische manieren om de drempel voor innovatie te verlagen, is de inzet van slimme onderzoeksstrategieën. De vrees dat deelname aan onderzoek een enorme tijdsinvestering vraagt, zoals het testen van zestig cliënten door één team, wordt weggenomen door dataverzameling te spreiden. Door bijvoorbeeld zes verschillende instellingen elk tien cliënten te laten volgen, wordt de belasting minimaal terwijl de resultaten aan waarde winnen. Deze aanpak zorgt voor data die representatief zijn voor verschillende regio’s en organisatieculturen, waardoor de wetenschap een gedeelde en haalbare inspanning wordt voor de hele sector. 

Van lokale pareltjes naar de nieuwe standaard 

De kracht van de Korsakov zorg zit in de initiatieven die op de afdelingen zelf ontstaan. Professionals hebben behoefte aan concrete antwoorden op complexe thema’s zoals apathie, groepsdynamiek en beslisvaardigheid. Wanneer lokale oplossingen voor dit soort uitdagingen worden gedeeld, kunnen ze met de juiste ondersteuning uitgroeien tot de nieuwe standaard. 

De wetenschapsraad fungeert hierbij als facilitator, ofwel de 'oliemannetjes' van de zorg. Zij helpen om deze praktijk-pareltjes wetenschappelijk te borgen en breder toegankelijk te maken. Een goed voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van de agressievragenlijst en de bijbehorende Handreiking KWAAD. Wat begon als een behoefte op de werkvloer, is nu een concreet instrument dat binnenkort wordt gedeeld en mogelijk meegenomen wordt in toekomstige trainingen.   

Een gidsland met een blik op de toekomst 

Nederland vervult een gidsrol binnen het Europese EUREKA-netwerk van internationale wetenschappers die zich richten op onderzoek naar het syndroom van Korsakov. Deze positie is echter geen reden om achterover te leunen. De cliëntpopulatie verandert en zorgvragen worden complexer. Om de zorgkwaliteit te waarborgen, blijft het essentieel om niet alleen op eigen houtje te opereren, maar aansluiting te zoeken bij het netwerk. Door gezamenlijk de Korsakov Kennisagenda te voeden, wordt de zeventienjarige kloof stap voor stap gedicht. 


Maak kennis met de wetenschapsraad 

De wetenschapsraad van het Korsakov Kenniscentrum vormt het fundament onder de verbinding tussen zorg en wetenschap en heeft verbinding met het LOKO (Landelijke Overleg Korsakov Onderzoekers) en de zorgpraktijk. Deze experts adviseren over onderzoek, het initiëren van gezamenlijk onderzoek en het vertalen van wetenschappelijke onderzoeksresultaten naar praktijk en beleid. De raad bestaat uit: 

  • Prof. dr. Roy Kessels – Voorzitter: Gespecialiseerd in klinische neuropsychologie, geheugenstoornissen en interventie-onderzoek.
  • Prof. dr. Albert Postma – Lid: Brengt diepgaande kennis in op het gebied van de cognitieve psychologie en het menselijk geheugen.
  • Prof. dr. Cees Hertogh – Lid: Focus op de ouderengeneeskunde en ethische vraagstukken binnen de langdurige zorg.
  • Prof. dr. Debby Gerritsen – Lid: Expert op het gebied van welzijn en psychosociale interventies in de langdurige zorg. 

Heb je een innovatief idee, waardevolle data die in een la blijven liggen, of wil je aansluiten bij lopend onderzoek? Doe het niet alleen en zoek de verbinding. Je kunt contact opnemen met of je vraag stellen bij het Korsakov Kenniscentrum. Zij zorgen ervoor dat jouw initiatief op de juiste plek terechtkomt, zodat we samen de zorg blijven verbeteren. 

Over dit interview
Dit gesprek met prof. dr. Roy Kessels vond plaats naar aanleiding van zijn plenaire speech tijdens het Wetenschapsforum 2025.